Hongkong profileert zich als toegangspoort China

In winkelparadijs Hongkong hebben moderetailers het zwaar. Door de populariteit van de stad als vestigingslocatie zijn huurprijzen de afgelopen drie jaar fors opgelopen en is winkelruimte voor lokale ondernemers vrijwel

onbetaalbaar. Bottega Veneta heeft zeven verkooppunten in de stad, Chanel en Prada ieder acht en Gucci tien, om maar een paar namen te noemen. Maar Hongkong is niet alleen bij luxe labels populair, ook het meer betaalbare segment heeft de stad ontdekt. H&M heeft er negen filialen en Zara acht, Gap opent binnenkort zijn eerste winkel, Abercrombie & Fitch is onderweg en Forever 21 komt dit najaar. In het jaarlijkse onderzoek van vastgoedadviseur Cushman & Wakefield naar 's werelds duurste winkelgebieden kwam Causeway Bay in Hongkong in 2009 en 2010 als tweede uit de bus, direct na Fifth Avenue in New York. Abercrombie & Fitch betaalt straks HK$ 7 miljoen per maand (meer dan 600.000 euro) voor een retaillocatie van 2000 vierkante meter aan Queens Road in stadsdeel Central.

Hongkong profileert zich als toegangspoort ChinaHet probleem van de hoge huurprijzen is momenteel de grootste uitdaging voor modeprofessionals in Hongkong,” zegt ook Vincent Fang. Fang ondervindt de druk aan den lijve, hij is eigenaar van de Toppy Group met drie damesmodeketens - Episode, Jessica en Weekend Workshop - en heeft de helft van zijn filialen in Hongkong vanwege de oplopende huren moeten sluiten. “Wij verhuizen onze winkels nu naar ruimtes op de tweede of derde verdieping, omdat de begane grond te duur geworden is.” In Hongkong heeft Fang met zijn merken nu nog vijftien filialen, maar op het Chinese vasteland beslaat zijn retailimperium ongeveer vierhonderd winkels. Een van de redenen dat Hongkong zo'n populaire vestigingsplaats is, is volgens Fang omdat de stad wordt gezien als toegangspoort tot de rest van China. “Wie China wil veroveren, begint in Hongkong.”

Hongkong als ingang van China is tevens een van deHongkong profileert zich als toegangspoort China belangrijkste selling points van de HKTDC Hongkong Fashion Week en vakbeurs die van 4 t/m 7 juli werd gehouden en waarvan Fang toevallig ook directeur is. “Hier is alle kennis voor handen voor wie in China zaken wil doen.” Het aantal exposanten in het Hong Kong Convention Centre steeg deze achttiende editie naar 1313 (tegen 1294 vorig jaar). Het aantal bezoekers bedroeg volgens cijfers van de organisatie 23.614. Iets meer dan de helft daarvan was uit Hongkong zelf afkomstig. Daarnaast werden meer dan 70 buying missions georganiseerd met in totaal meer dan 2000 inkopers van buiten de stad. Een mooi resultaat voor een beurs die in toenemende mate concurrentie ondervindt van nieuwe sourcingbeurzen op het Chinese vasteland. Nieuwe beurzen die – zo wisten enkele exposanten te melden – hun standruimte veel goedkoper aanbieden.

De opkomst van massaproductie in landen als Bangladesh, Cambodja en Vietnam wordt hier eveneens gevoeld, maar na twee jaar van negatieve groei begint de export van kleding uit Hongkong weer aan te trekken. Dat blijkt uit cijfers van HKTDC (Hong Kong Trade Development Council). In de eerste vier maanden van 2011 steeg de export met 8 procent. Hoewel de grootste groei in export naar het Chinese vasteland wordt genoteerd (+56 procent), stijgt ook de export van kleding naar de Verenigde Staten en de Europese Unie. Samen zijn die goed voor ongeveer tweederde van de totale kledingexport uit Hongkong met een waarde van HK$ 35,1 miljard (3,1 miljard euro). Vooral naar EU-landen Frankrijk, Duitsland en Italië (+11, +10 en + 7 procent) wordt veel kleding verscheept. De export naar Groot Brittannië en Nederland is daarentegen afgenomen met -9 en -4 procent.

De vraag naar groene mode blijkt ook in deze contreien actueel. Exposanten op HKFW konden zich laten opnemen als ‘Green Solutions Supplier’ en kregen op hun stand een groen logo in de vorm van een boomblad, waarmee zij hun milieubewuste aanpak kenbaar konden maken aan bezoekers. In totaal kregen 109 leveranciers op de beurs dat stempel toegekend. Desgevraagd bleken niet alle groene exposanten echter even serieus. Bijvoorbeeld: “Wij werken alleen met kasjmier, daarom zijn wij een groene leverancier.” Een stuk ernstiger klinkt Terrence Lee van Noble Beste International, producent van het merk Nobo dat onder meer wordt verkocht in Italië, Polen, Frankrijk en de VS. “Groen produceren wordt steeds belangrijker voor bedrijven in Hongkong en China, omdat de vraag groeit. Probleem is wel dat een kledingstuk dat volledig verantwoord wordt geproduceerd ongeveer vijf keer duurder is. Dat houdt veel mensen tegen. Bovendien is het erg moeilijk om ecologisch verantwoorde leveranciers te vinden.” Volgens Lee staat groene productie in zijn land nog in de kinderschoenen, maar met stijgende vraag groeien de mogelijkheden.

Ondanks dat kledingfabrikanten in China en Hongkong steeds meer voor de eigen markt produceren (waar een sterk groeiende middenklasse van T-shirts en jeans moet worden voorzien), vormen buitenlandse klanten (naast de VS en de EU ook Japan) een belangrijke inkomstenbron. Dat geldt voor producenten, leveranciers en uiteindelijk ook voor retailers die die hoge winkelhuren moeten ophoesten. Of zoals Vincent Fang het formuleerde, waar het in winkelparadijs Hongkong om draait is to keep shopping, in alle segmenten.

Esmerij van Loon

 

Meer nieuws

MEER NIEUWS

 

LAATSTE VACATURES

 

MEEST GELEZEN