• Home
  • Nieuws
  • Fashion
  • Bengaalse kledingexport moet verdubbelen

Bengaalse kledingexport moet verdubbelen

Door Yasmine Esser

17 aug. 2015

Fashion

Hoewel de kledingindustrie in Bangladesh wordt gekenmerkt door ongelukken en onveilige werkomstandigheden, wil het land de sector toch gaan verdubbelen. In 2021 moet de export van mode-artikelen 50 miljard dollar waard zijn. Momenteel is de modebranche al verantwoordelijk voor 82 procent van de totale export.

Minister van handel, Tofail Ahmed, kondigde het plan aan. Hij spreekt onder andere over een 'kledingdorp' in de zuidoostelijke havenstad Chittagong, een belangrijke exportplaats, om het doel van het verdubbelen van de textielbranche, sneller te bereiken.

Volgens Ahmed dragen kledingdorpen niet alleen bij aan de groei van de textielindustrie in Bangladesh, maar zorgen de 'garment villages' ook voor betere en veiligere arbeidsomstandigheden van de arbeiders. Momenteel komen er namelijk veel textielfabrieken bij, onder andere in vervallen en onveilige gebouwen. In de kledingdorpen zullen de fabrieken controleerbaarder zijn, waardoor betere omstandigheden en brandveiligheid afgedwongen kunnen worden.

Bangladesh wil kledingdorpen met veel textielfabrieken

In de stad Bausia is het idee voor een kledingdorp al verder gevorderd. Het plan werd daar gefinancierd door een Chinees staatsbedrijf. In Bausia staan momenteel zo'n tweehonderd fabrieken die ongeveer 5 miljard dollar per jaar bijdragen aan de exportwaarde van de Bengaalse kledingindustrie.

Het idee voor kledingdorpen is ook niet nieuw. Al zo'n tien jaar heeft de Bengaalse overheid plannen om de sector te centraliseren. Maar tot de ramp in de textielfabriek in Rana Plaza, waar bijna 1200 medewerkers om het leven kwamen, waren de ideeën van de overheid nog niet concreet.

Marcia Bernicat, de Amerikaanse ambassadeur in Bangladesh zegt tegen nieuwssite Quartz dat de realisatie van kledingdorpen een ambitieus doch goed te doen plan is. "Het laat zien dat zakelijk succes hand in hand kan gaan met de rechten en veiligheid van medewerkers," aldus de ambassadeur.

Kledingdorpen moeten Bengaalse economie en arbeidsomstandigheden verbeteren

Bangladesh zag de export van kleding in de eerste maanden van dit jaar stijgen. In het eerste kwartaal van 2015 bedroeg de waarde 18,63 miljard dollar (17,12 miljard euro), een stijging van bijna 3 procent. Toch klonken er geluiden dat de export zou stagneren, als gevolg van politieke onrust in het land.

Sinds de Rana Plaza instorting hebben bijna tweehonderd internationale modebedrijven, waaronder H&M, C&A en Primark, het Bangladesh Veiligheidsakkoord ondertekend, een juridisch bindende overeenkomst die ervoor moet zorgen dat alle kledingfabrieken in Bangladesh veilige werkplekken worden.

arbeidsomstandigheden
Bangladesh
garmentvillages
kledingdorp
kledingdorpen
ranaplaza
textielarbeiders
textielindustrie