Inno over inkoop: meer ruimte voor trends, klant blijft leidend

De Belgische warenhuisketen Inno wil naast vaste bestsellers meer ruimte maken voor trendgevoelige producten. "In het budget houden we meer ruimte voor trendgevoelige items," deelt Elly Zwinnen, Buying Director voor zowel de online als fysieke retail van Inno. Het grootste deel van het budget blijft echter gereserveerd voor bestsellers, omdat de klant het uitgangspunt blijft.

Volgens Zwinnen is de Inno-klant modebewust, maar niet per se op zoek naar exclusieve high fashion. Kwaliteit, draagbaarheid, variatie en gemak wegen zwaarder dan trendgevoeligheid, terwijl ook stoffen en pasvorm een belangrijke rol spelen.

Sinds de overname medio 2024 door Axcent of Scandinavia AB en SKEL zorgt het nieuwe Scandinavische eigenaarschap voor meer uitwisseling over het merkenaanbod. Inno heeft zelf de regie als het aankomt op de Belgische filialen en het assortiment. “Als we als Inno inschatten dat een merk niet bij de klant past, kiezen we ervoor het niet in te kopen.”

De tekst gaat verder na de afbeelding.

Inno FW26/27-campagnebeeld. Credits: Inno

Van trends naar draagbare producten

Internationale modetrends vormen een belangrijke inspiratiebron voor de komende collecties, maar Inno vertaalt die trends naar producten die aansluiten bij wat klanten daadwerkelijk willen dragen. Voor FW26 ligt de focus onder meer op ‘relaxed tailoring’, ‘double denim’ en ‘prep 3.0’.

Deze trends komen terug in de campagnes van het warenhuis, zoals in magazines en de etalages. "Denk bijvoorbeeld aan jeans met een baggy of breder silhouet en blazers met grotere schouderpartijen."

Volgens Inno is het daarbij belangrijk klanten niet alleen losse producten te tonen, maar complete combinaties. In de visual merchandising, met name in de etalagepoppen en styling, worden om die reden dan ook merken en stijlen gemixt. “We proberen echt totale looks aan te bieden.”

Nieuwe merken als aanvulling

Bij het selecteren van nieuwe merken kijkt Inno in de eerste plaats naar de vraag vanuit de klant. De multibrand-retailer haalt informatie uit klantaankopen, verkoopcijfers, doet klantonderzoek via enquêtes en bezoekt internationale modebeurzen. Vervolgens wordt bekeken of een merk past binnen de positionering van Inno en of er ruimte voor is binnen het bestaande aanbod.

De retailer wil daarbij verschillende herkomsten en prijsniveaus combineren, van meer toegankelijke merken tot het midden- en hogere segment. Zo werden onder meer recentelijk Barbour en Lacoste aan het assortiment toegevoegd. Vanaf FW26 introduceert Inno daarnaast het Britse damesmerk Hobbs, dat volgens de retailer nog niet op de Belgische markt aanwezig was. Aan de herenmode collectie zijn dit jaar het Spaanse El Ganso en het Britse Paul Smith toegevoegd.

Ook de handtassencategorie is uitgebreid met onder meer Lancel, Gerard Darel, Lauren Ralph Lauren en U.S. Polo Assn., naast merken als Lacoste.

Inno kijkt naar de rentabiliteit en prestaties van merken en maakt die afweging bovendien per winkel en afdeling. “Het kan zijn dat één merk in één vestiging wel blijft, maar niet meer in een andere winkel.”

Duurzaamheid speelt inmiddels ook een grotere rol in de selectie van merken, al blijft het volgens Inno niet de belangrijkste aankoopreden.

De tekst gaat verder na de afbeelding.

Inno FW26/27-campagnebeeld. Credits: Inno

Belgische consument wordt kritischer

Volgens Inno is de Belgische consument kritischer geworden. Sociale media, internet en kunstmatige intelligentie zorgen ervoor dat klanten beter geïnformeerd de winkel binnenkomen. Sommige klanten weten vooraf precies welk product of merk ze zoeken.

Hoewel klanten kritischer zijn, stelt Zwinnen dat ze ook meer bereid zijn de portemonnee te trekken, zeker wanneer het verhaal achter een kledingmerk hen aanspreekt of het gaat om exclusieve of gelimiteerde producten. Het verhaal achter een merk en de exclusiviteit van een product kunnen daarbij invloed hebben op de aankoopbeslissing.

Inno probeert daarom het winkelpersoneel goed mee te nemen in de achtergrond van nieuwe merken. Wanneer een merk bijvoorbeeld exclusief of nieuw is op de Belgische markt, wordt ook uitgelegd waarom het is geselecteerd. De retailer ziet dit als een manier de klant meer context bij het product te bieden.

Meer combineren, minder complete outfits

Tijdens SS26 zag Inno vooral veel vraag naar draagbare producten en comfortabele stoffen. De damesafdeling presteerde naar eigen zeggen goed in de huidige retail context, evenals de herenafdeling en lingerie. Ook badmode deed het goed, mede dankzij het warme zomerweer. Daarnaast groeit de handtassen- en bagageafdeling, zowel met meer toegankelijke als duurdere merken.

Accessoires, zoals handtassen, worden tegenwoordig vaak gebruikt om bestaande outfits een nieuwe impuls te geven, aldus Zwinnen. Daarnaast ziet ze dat klanten minder vaak een volledige outfit kopen en steeds vaker verschillende items met elkaar combineren.

De tekst gaat verder na de afbeelding.

Inno Antwerpen. Credits: Inno

Duurzaamheid als extra criterium

Voor bepaalde merken wordt informatie over bijvoorbeeld biologisch katoen ook op de winkelvloer gecommuniceerd via visuele communicatie. “Duurzaamheid is zeker toegevoegd aan het lijstje”. Pasvorm, kwaliteit, merk en prijs blijven volgens Zwinnen echter de belangrijkste factoren in de aankoopbeslissing.

Voor Inno blijft de brede internationale merkenmix uiteindelijk een belangrijk onderdeel van de positionering. “De klant staat bij ons centraal. Daarom willen we de merken aanbieden waar onze klanten bewust voor kiezen.”


OF LOG IN MET
Detailhandel
FW26