Rijke consument ziet bont en exotisch leer steeds minder als ‘luxe’

Van een bontjas of tas van krokodillenleer werd lang gezegd dat het ‘ultieme luxe’ is. Nieuw onderzoek van Collective Fashion Justice (CFJ) suggereert dat dit plaatje niet meer klopt.

In het rapport ‘Wildlife Exploitation is Not Luxurious’ valt te lezen dat maar liefst 95 procent van de ondervraagde topverdieners in Londen, Parijs en New York vindt dat het gebruik van wilde dierenhuiden en bont een modemerk juist mínder chic maakt. De voorkeur gaat uit naar ‘moderne, verantwoorde luxe’ van nepbont of -leer.

Volgens de analisten voelen groot- en kleinverdieners tegenwoordig evenveel voor dierenwelzijn. 85 procent van de ondervraagden gaf aan pas in dierlijke producten te investeren als de producent garant staat voor een ethisch verantwoorde behandeling van het dier, bijvoorbeeld door een vorm van certificering.

Mensen hebben moeite met het dierenleer, niet met de look van de mode. De patronen en texturen van een mooie tas of jas met imitatiedierenhuiden worden nog wel breed gewaardeerd. Nepleer en nepbont vormen dus de uitkomst, aldus CFJ.

Het onderzoek werd uitgevoerd door The Culture Studio en Innovate MR onder een gelijke mix van mannen en vrouwen uit modesteden als Parijs en New York. Alle deelnemers geven jaarlijks fiks wat geld uit aan luxe kleding: van 5.000 tot meer dan 60.000 dollar per label bij grote merken als Chanel, Fendi, Balenciaga, Cartier, Burberry en The Row.


OF LOG IN MET
Bont
Collective Fashion Justice
Emma Håkansson
exotische huiden