Rechtspraak: Is creativiteit vereist voor de bescherming van een kledingontwerp?
Een kledingontwerp kan door verschillende intellectuele eigendomsrechten worden beschermd. In dit artikel beperk ik mij tot de bescherming via het auteursrecht en via het modellenrecht. Voor beide rechtsgebieden heeft de hoogste Europese rechter recent belangrijke regels geformuleerd.
Het auteursrecht: creativiteit is vereist.
Het Europese Hof van Justitie heeft in het recente arrest over de Palais-tafel in de zaak ‘Mio’ (C-580/23) en het Haller-meubelsysteem in de zaak ‘Konektra’ (C-795/23) een nadere invulling gegeven aan de vereisten voor de auteursrechtelijke bescherming van een werk.
Het Hof sluit aan bij de bestaande lijn: er is pas sprake van een auteursrechtelijk beschermd “werk” als het voorwerp de persoonlijkheid van de maker weerspiegelt, doordat het uitdrukking geeft aan zijn of haar vrije en creatieve keuzes. Dat geldt ook voor toegepaste kunst en productvormgeving. Maar wanneer is sprake van vrije én creatieve keuzes in een kledingontwerp?
De Europese rechter geeft wel aan wat geen vrije en creatieve keuzes zijn: vormgeving die in de praktijk volledig wordt bepaald door technische, functionele of ergonomische vereisten, of simpelweg door de normen en conventies binnen de sector. Waar geen reële creatieve speelruimte is, kan ook geen auteursrechtelijk beschermd werk ontstaan. Alleen als zulke beperkingen de maker niet hebben belet om toch vrije, creatieve keuzes te maken die zichtbaar zijn in het product, kan auteursrechtelijke bescherming alsnog in beeld komen. Ook 'vrije' keuzes zijn op zichzelf onvoldoende tenzij ze het voorwerp een uniek uiterlijk geven dat de persoonlijkheid van de maker weerspiegelt.
De rechter die beoordeelt of een kledingontwerp oorspronkelijk is, moet dus de vrije én creatieve keuzes in de vormgeving ervan onderzoeken en identificeren. Alleen ontwerpkeuzes die het werk een uniek en persoonlijk karakter geven zijn belangrijk. Bij deze beoordeling kunnen omstandigheden zoals de bedoelingen van de ontwerper tijdens het scheppingsproces, zijn inspiratiebronnen, het gebruik van reeds beschikbare vormen, de mogelijkheid dat gelijkaardige voorwerpen onafhankelijk worden gecreëerd of de erkenning van dat voorwerp in de vakkringen, een rol spelen maar deze omstandigheden zijn niet noodzakelijk of doorslaggevend om de oorspronkelijkheid van een ontwerp vast te stellen.
Wat kan helpen bij de onderbouwing van de vrije en creatieve keuzes in een ontwerp is het overleggen van een gedocumenteerd ontwerpproces waaruit blijkt hoe de ontwerper tot bepaalde vrije en creatieve keuzes is gekomen. Uiteindelijk moet de rechter zelf in het ontwerp kunnen vaststellen of dit ontwerp de persoonlijkheid van de ontwerper weerspiegelt en of sprake is van vrije en creatieve keuzen. Een lastige en subjectieve toetsing. Daarbij zal steeds vaker worden gevraagd om een duidelijke toelichting en onderbouwing van elk creatief element.
Interessant voor de dagelijkse praktijk is vooral wat het Hof zegt over inbreuk op het auteursrecht. De toets is geen globale vergelijking van de totaalindruk van twee ontwerpen, maar een gerichte vraag: zijn de creatieve elementen van het beschermde werk herkenbaar en zonder toestemming van de rechthebbende overgenomen in het vermeend inbreukmakende product? Dit heeft gevolgen hoe er in de praktijk met inspiratie en de vertaling daarvan naar een ‘nieuw’ ontwerp moet worden omgegaan. Waar de focus bij de beoordeling van inbreuk eerst meer lag op de verschillen, dan ligt die focus nu meer op de herkenbare overname van de beschermde creatieve elementen. Zelfs de overname van een relatief klein creatief onderdeel van een ontwerp van een ander kan dan genoeg zijn om inbreuk aannemelijk te maken, zolang juist dat deel de eigen intellectuele schepping van de auteur belichaamt.
Wat betekent dit nu concreet voor modeontwerpers? Bij productontwikkeling wordt het belangrijker om scherp te zijn op waar daadwerkelijk vrije, creatieve keuzes worden gemaakt: in een print, een kleurverdeling, een opvallende afwerking of stiksel, een specifieke combinatie van materialen of vormen. Die vrije en creatieve keuzes moeten in het eindproduct zichtbaar zijn. Wie zijn eigen ontwerpen auteursrechtelijk wil beschermen, doet er goed aan om juist die creatieve en vrije keuzes expliciet te identificeren en vast te leggen.
Modellenrecht: creativiteit is niet vereist
Een andere optie is om een kledingontwerp als model te registeren. Een kledingontwerp kan als model in de Europese Unie worden geregistreerd als het voldoet aan de eisen van nieuwheid en eigen karakter. 'Nieuwheid' betekent dat er niet eerder een identiek model op de markt was. Een model wordt geacht een eigen karakter te hebben, als de ‘algemene indruk’ die het bij de ‘geïnformeerde gebruiker’ wekt, verschilt van de algemene indruk die bij die gebruiker wordt gewekt door modellen die al bekend waren. Een niet-geregistreerd Uniemodel is drie jaar na eerste openbaarmaking beschermd. Een model dat binnen één jaar na eerste openbaarmaking wordt geregistreerd heeft een beschermingsduur van maximaal 25 jaar als Benelux of Uniemodel.
Het Europese Hof van Justitie heeft recent in de zaak Deity Shoes bevestigd dat in het modellenrecht het vereiste van creativiteit of bewijs van oorspronkelijkheid niet geldt. Daarmee verschilt het modellenrecht wezenlijk van het auteursrecht, waar creativiteit juist wel is vereist. Voor modellenbescherming hoeft een kledingontwerp slechts voldoende in algemene indruk te verschillen van bestaande kledingontwerpen rekening houdend met de vrijheid van de ontwerper. Voor modelbescherming hoeft dus niet te worden bewezen dat het model het resultaat is van een bepaalde mate van “intellectuele schepping”. Verder is bepaald dat modetrends de vrijheid van de ontwerper niet beperken.
Conclusie
In een markt waarin collecties elkaar steeds sneller opvolgen en trends razendsnel worden gekopieerd, legt het Hof de lat voor auteursrechtelijke bescherming niet lager maar juist scherper en hoger. In het modellenrecht ligt die lat lager en is creativiteit geen vereiste. Als een kledingontwerp maar voldoende afwijkt van wat er al was, kan het voorwerp modelrechtelijk worden beschermd. Het modelrecht biedt daarmee voor de bescherming van kledingontwerpen objectieve en commerciële zekerheid.
Geschreven door Margot Span van Spargo Legal. Margot is gespecialiseerd in het intellectueel eigendomsrecht en commerciële contracten en zij behandelt regelmatig actuele juridische kwesties in de column Rechtspraak. www.spargolegal.nl
OF LOG IN MET