Een nieuw wapen in de strijd tegen Fast Fashion copycats

Brussel - Het fenomeen van fast fashion is vandaag de dag niet meer weg te denken uit de modewereld. Aan de hand van snelle productiecycli en lage kosten brengen fast fashion merken, zoals Zara en H&M, stukken op de markt die geïnspireerd zijn door looks van de catwalk, celebrities en de laatste modetrends, en dit aan relatief lage prijzen.

Hoewel het in principe niet verboden is zich te inspireren op ontwerpen van anderen, gaan de grote fast fashion brands soms een stap te ver door het (al dan niet volledig) kopiëren van bestaande modellen. Dit kan een schending uitmaken van de intellectuele eigendomsrechten die de oorspronkelijke ontwerpers bezitten.

In theorie kan er juridisch worden opgetreden tegen een inbreuk op intellectuele eigendomsrechten, in dit geval modelrechten (design rights). Maar blijft vaak gissen of het ook financieel zin heeft, en zelfs überhaupt mogelijk is om de productie en verkoop van beschermde modellen effectief stop te zetten. Daarnaast zorgt ook de meestal grensoverschrijdende aard van deze geschillen voor bijkomende vraagtekens en (financiële) obstakels. In de praktijk verloopt de strijd tegen fast fashion namaak dus niet altijd met gelijke wapens.

Goed nieuws uit Milaan

Een recente beslissing van de rechtbank van eerste aanleg van Milaan brengt goed nieuws voor modeontwerpers die hun nagemaakte modellen in de winkelrekken van fast fashion merken zien verschijnen. OTB, de moederonderneming van onder andere de modemerken Marni en Diesel, ging de strijd aan met Zara. Volgens OTB had de Spaanse fast fashion gigant het skinny jeans model SKINZEE-SP2 van Diesel en Marni’s FUSSBET sandalen nagemaakt.

Een nieuw wapen in de strijd tegen Fast Fashion copycats

(Credit Instagram)

(Credit: EUIPO register)

De Italiaanse rechtbank gaf OTB gelijk en oordeelde dat Zara inderdaad een inbreuk maakte op de geldige Europese modelrechten van Diesel en Marni. Daarenboven bepaalde de rechter dat deze uitspraak geldt voor het hele grondgebied van de Europese Unie. Zara had immers geargumenteerd dat de rechtbank van Milaan zich niet kon uitspreken over de (namaak)activiteiten van Zara-ondernemingen die zich buiten Italië bevinden. Deze bewering werd dus afgewezen door de Italiaanse rechter, toepassing makend van nieuwe Europese rechtspraak (de Nintendo v. Big Ben-zaak) die Zara’s ongelijk bevestigde.

Bijgevolg werd Zara veroordeeld tot de onmiddellijke stopzetting van de productie en verkoop van de nagemaakte stukken in de volledige Europese Unie. Daarnaast moest Zara alle nagemaakte modellen van de Europese markt halen. Voor elk stuk dat nog verkocht zou worden in strijd met de beslissing werd een boete van 200 euro opgelegd. Tot slot besliste de rechtbank van Milaan dat OTB ook recht had op een schadevergoeding, die in een navolgende procedure berekend zou worden.

Het bewijs van namaak van een geldig modelrecht door fast fashion ondernemingen met zetel of bijhuis in België

Voortaan zal een Europees modehuis of ontwerper haar Europees modelrecht dus kunnen laten gelden in de hele Europese Unie tegen fast fashion copycats. Om met succes van dit nieuwe ‘wapen’ gebruik te kunnen maken moeten er wel nog een paar voorwaarden vervuld zijn.

Een nieuw wapen in de strijd tegen Fast Fashion copycats1. Geldig modelrecht

Enkel aan de hand van een modestuk dat door een geldig ingeschreven model (of door het auteursrecht wordt beschermd), kan de namaak ervan worden aangevochten. Niet elk model zal echter van een dergelijke juridische bescherming kunnen genieten. Enkel de modellen die nieuw zijn in de modesector en een eigen karakter bezitten, komen in aanmerking voor een geldige modelrechtelijke bescherming. Met ‘eigen karakter’ wordt bedoeld dat de algemene indruk bij de modesector van het nieuwe ontwerp verschilt van de ontwerpen die al bestaan.

Van zodra hieraan is voldaan, zal de ontwerper in het bezit zijn van een geldig intellectueel eigendomsrecht, namelijk een ongeregistreerd modelrecht. Wanneer dit geldig model geregistreerd wordt, zal de ontwerper in essentie van een (nog) betere bescherming kunnen genieten. In een volgende bijdrage komt u alles te weten over de verschillen en de voor- en nadelen van geregistreerde en ongeregistreerde modellen.

2. Namaak (door fast fashion)

Ten tweede zal een designer moeten aantonen dat het geldig model is nagemaakt. Het spreekt voor zich dat het (namaak)model op een latere datum moet zijn ontwikkeld en gepresenteerd dan het originele ontwerp. Daarnaast zal er sprake zijn van namaak wanneer mensen die actief zijn in de modesector bij het zien van het (namaak)model het originele ontwerp hierin erkennen, en dus geen verschillende algemene indruk hebben. Er mogen hierbij wel verschillen te zien zijn tussen beide ontwerpen.

Een fast fashion merk dat zich schuldig maakt aan namaak zal hier uiteraard niet mee te koop lopen. Het is daarom niet altijd simpel om kopiegedrag op te storen. Er bestaan wel handige tools, zoals specifieke websites, die de modesector attent maakt op gekopieerde looks (bijvoorbeeld http://fashioncopycats.com).

3. Dochteronderneming in België

Om als slachtoffer van fast fashion namaak naar een Belgische rechter te kunnen stappen, die uitspraak zal doen voor heel de Europese Unie, moet er tot slot nog één voorwaarde vervuld zijn. Het fast fashion merk moet namelijk een dochteronderneming hebben in België. Voor veel grote merken, zoals onder andere Zara, H&M, Primark en Bershka, is dit inderdaad het geval. Dezelfde redenering gaat uiteraard op wanneer men naar eenzelfde grensoverschrijdende uitspraak voor de Nederlandse rechter wil bekomen, hetgeen enkel mogelijk is met een Nederlandse dochteronderneming.

Wanneer een fast fashion brand geen Belgische onderneming heeft, bijvoorbeeld Uniqlo, zal een Belgische rechter namaak toch nog kunnen bestraffen als de nagemaakte stukken in Belgische winkels te koop zijn of door Belgische klanten online kunnen worden besteld. In dit geval is de bevoegdheid van de rechter wel beperkt, en zal de beslissing uit Milaan geen toepassing vinden.

Besluit: creativiteit beloont over de grenzen heen

Dankzij de beslissing uit Milaan zullen modelrechten in de toekomst op een meer efficiënte en kostvriendelijke bescherming genieten in de wereld van fast fashion. Voor fast fashion retailers is deze beslissing een waarschuwing. De looks vanop de catwalk en de laatste modetrends uit de straten kunnen niet zomaar zonder (zware) gevolgen worden gekopieerd. Voortaan zullen fast fashion merken dus maar best de bestaande intellectuele eigendom van ontwerpers in de hele Europese Unie respecteren.

Verwijzingen

Rechtbank van eerste aanleg Milaan (Tribunale di Milano), 15 mei 2018, Diesel spa e.a. v Zara Italia srl e.a., Zaak nr. 22303/2016, Beslissing nr. 5390/2018.
HvJ 27 september 2017, Nintendo v Big Ben, C-24/16 en C-25/16, EU:C:2017:724.

Dit artikel is geschreven door Ellen Desnyder en Judith Bussé, advocaat bij de balie Brussel (Crowell & Moring). Crowell & Moring LLP is een internationaal advocatenkantoor dat cliënten in de mode industrie bijstaat en vertegenwoordigt in verschillende rechtsdomeinen, waaronder intellectuele eigendom. Op regelmatige basis adviseren zij cliënten over de valorising en exploitatie van intellectuele eigendomsrechten en ondersteunen zij hen bij het registreren en handhaven van merken, modellen, auteursrechten.

Foto’s: Burst Shopify.com via Pexels en Fancycrave.com via Pexels

 

Meer nieuws

MEER NIEUWS

 

LAATSTE VACATURES

 

MEEST GELEZEN